Vruchtbare periode
In tegenstelling tot de man, die vanaf zijn puberteit tot op hoge leeftijd vruchtbaar kan blijven, is de periode waarin een vrouw vruchtbaar is veel beperkter. Haar vruchtbaarheid is afhankelijk van haar menstruatiecyclus. Vanaf haar puberteit tot aan haar overgang is een vrouw telkens halverwege haat menstruatiecyclus een korte tijd vruchtbaar.
Bij een vrouw vindt ongeveer twee weken voor haar menstruatie een eisprong plaats. Na de rijping van de eicel op de eierstok wordt de eicel via de eileider naar de baarmoeder getransporteerd. Op het moment dat de eicel niet bevrucht wordt zal het baarmoederslijmvlies, dat een verdikking vormt op de baarmoederwand, wordt dan door het lichaam afgestoten. Dit uit zich in bloedverlies waarbij ook wat slijm mee naar buiten komt. Dit wordt de menstruatie of ongesteldheid genoemd.
De menstruatiecyclus begint hierna weer van voren af aan. De vrouw heeft het meeste kans om zwanger te worden op het moment dat de eisprong net heeft plaatsgevonden. Dit wil echter niet zeggen dat de eicel niet kan worden bevrucht als ze alleen op dat moment zich beschermd tegen of onthoudt van seksuele activiteiten. De zaadcellen van een man zijn immers in staat om enkele dagen in leven te blijven wanneer ze zich in het vrouwenlichaam bevinden. Ze kunnen dan wel 24 tot 48 uur blijven leven zodat de bevruchtingsperiode van de eicel aanzienlijk wordt vergroot. In plaats van enkele uren dient de vrouw die niet zwanger wil worden zich meerdere dagen te beschermen door anticonceptiemiddelen te gebruiken of zich te onthouden.


